‘Verdieping, preparatie, dialoog’

LEESTIJD: 7 MIN

Nederland moet beter weerbaar worden tegen klimaatcrises en extreem weer. Jan Bos (Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland) en Petro Winkens (Veiligheidsregio Zuid-Limburg) verkennen welke opgaven er liggen op het gebied van klimaatverandering en wat er nodig is om de samenwerking tussen veiligheidsregio’s en crisispartners te versterken.

Het thema klimaat- en waterveiligheid is een van de thema’s die de Vakraad Crisisbeheersing van de Raad van Commandanten en Directeuren Veiligheidsregio‘s (RCDV) in het begin van 2021 als speerpunt aanwees. Behalve waterproblematiek zoals onlangs in Limburg, gaat het daarbij nadrukkelijk ook om onderwerpen als droogte en natuurbrandbestrijding. Bos en Winkens zijn hiervan gezamenlijk portefeuillehouder. ‘We kunnen uit ervaring vertellen dat de organisatie rondom elk thema anders is’, vertelt Winkens. ‘Als we inzoomen op het klimaatvraagstuk, dan zien we veel initiatief, door veel verschillende partijen. Daar is meer verbinding en stroomlijning nodig.’

‘Als we inzoomen op het klimaatvraagstuk, dan zien we veel initiatief, door veel verschillende partijen. Daar is meer verbinding en stroomlijning nodig.’

Meerlaagsveiligheid

Gemakkelijker gezegd dan gedaan. Bos en Winkens zien dat het klimaatvraagstuk urgenter wordt, maar ook breder en complexer. Winkens: ‘Droogte zorgt voor problemen in de scheepvaart en de drinkwatervoorziening. Extreme temperaturen hebben invloed op de energietransitie. Extreem weer op de normeringen voor dijken. De kans op natuurbranden groeit. Er zijn tal van aspecten waar we vanuit veiligheidsperspectief en meerlaagsveiligheid (waterkering, ruimtelijke ordening en crisisbeheersing) gezamenlijk over moeten nadenken’, is Winkens overtuigd. ‘Het liefst op het moment dat het rustig is, in plaats van wanneer het zich voordoet.’ Bos is het roerend met hem eens. ‘Het is de uitdaging om het moment te bepalen waarop het probleem van bijvoorbeeld het waterschap een probleem van de veiligheidsregio wordt. Als het waterschap vroegtijdig meldt dat er droogte aan komt, dan is dat een signaal voor de veiligheidsregio om de informatiepositie te versterken en scenario’s te oefenen. Droogte is één element van klimaatverandering, maar er zijn tal van deelscenario’s waar we met even zoveel partners mee aan de slag moeten. Dat is een onderwerp dat bij de zoektocht van het netwerk klimaatverandering hoort.’

Winkens plaatst daarbij de kanttekening dat de veiligheidsregio’s aan de kant van de effecten van klimaatverandering werken. ‘Wij gaan niet over de bron. Als iemand van 85 met COPD in een flatje achteraf woont zonder airco, dan hebben wij daar in eerste instantie niet zo veel mee van doen. Maar als dit soort situaties veelvuldig en langdurig optreden, dan zijn dat wel scenario’s die we met de sector moeten bespreken.’ Bos vult hem aan. ‘Hitte in de stad is ook zo’n voorbeeld. Daar maken we als veiligheidsregio in de kern geen beleid op. Het is niet onze taak om de stad te vergroenen. Het is onze rol om na te denken over het niveau van preparatie. Moeten we bruggen gaan koelen, bereiden we ons voor op zorgvragen van inwoners? Om dan vervolgens met de gemeente te kunnen overleggen hoe de stad klimaatbestendiger kan, zodat er minder hulp nodig is. Dat is het mechanisme dat we zoeken.’ Winkens: ‘Verdiepen in de effecten, prepareren en de dialoog aangaan.’

Puzzel

Het veiligheidslandschap rond klimaatthema’s is nu nog fragmentarisch. ‘Vergelijk het met een puzzel’, schetst Bos. ‘De stukjes op zich functioneren prima. In onze regio heeft de stuurgroep voor overstromingen een coördinatieplan gemaakt, we hebben geoefend en kennis uitgewisseld. Goeie zaak. Maar de vraag is: welke netwerken in andere regio’s zijn er op dat gebied en hoe leggen we de ervaringen uit die afzonderlijke netwerken bij elkaar?’ Winkens zag tijdens de watercrisis dat de samenwerking tussen partijen in de basis uitstekend liep, maar dat informatievoorziening beter kon. ‘Als veiligheidsregio zijn we afhankelijk van informatie die we van onze partners krijgen om te bepalen welk scenario nodig is. Als het KNMI beter en sneller kan voorspellen waar extreem weer gaat plaatsvinden, dan kunnen wij daar beter op acteren. Nu is de tijd tussen precieze voorspelling en actie te gering. In een kwartier kan ik op een knop drukken en een telefoontje plegen, maar meer niet. We zoeken naar de juiste informatie, op het juiste moment in de juiste gremia.’

Behalve de informatievoorziening ziet Winkens ook het interregionale karakter van de crisis als een aandachtspunt. ‘Dit was voor het eerst in lange tijd een incident over de grenzen van de regio’s heen. Wat soms wordt gemist is een overkoepelend orgaan dat over de regio’s heen kan coördineren. Als we in Zuid-Limburg de hulp inroepen van Defensie en reddingsmaatschappijen, dan weten we dat ze de volgende dag in Noord-Limburg nodig zijn. Daar kun je afspraken over maken.’ Bos zat toevallig in het overleg dat de hulp aanbood en daarmee aan de andere kant van het perspectief. ‘Iedereen wil helpen. Voor de hulpvragende regio is het moeilijk om vol in de crisis na te denken wat er nodig is. De afstemming van hulpvraag en -aanbod kan efficiënter. Bijstand moet je bij mooi weer bedenken, zodat het met slecht weer geregeld is.’

Jan Bos

Makelaars

Aangezien klimaatverandering een mondiaal probleem is, is het goed om te kijken wat er in landen om ons heen gebeurt. Winkens: ‘We kunnen niet de hele wereld rondreizen, maar in landen als Frankrijk, Portugal, de Verenigde Staten, worden dingen bedacht die wellicht naar onze situatie vertaald kunnen worden. Twente en IJsselland hebben we een zogeheten ‘handcrew’: een team van 25 mensen die getraind zijn om met de hand natuurbranden te blussen. Dat idee komt uit Duitsland. Er komt nu een tweede handcrew voor Zuid-Nederland. Onze rol als portefeuillehouders is te kijken wat er speelt, welke groeperingen al met onderwerpen bezig zijn en daarmee verbinding zoeken zodat de informatie, kennis en kunde op de goede plekken terecht komt. Een makelaarsfunctie.’

Bos is het roerend met hem eens. ‘Als veiligheidsregio zijn we maar van weinig zaken de eigenaar. We gaan niet over de hoogte van de dijken of de stabiliteit van het energienet. Wij zijn de partij die weet wat er moet gebeuren als het mis gaat en adviseren over hoe effecten zo klein mogelijk blijven. Dat betekent netwerken bouwen, initiatieven bij elkaar brengen, zodat mensen ons gaan vinden om te laten zien dat ze iets moois hebben bedacht en wij het kunnen verspreiden onder de 25 veiligheidsregio’s.’

Petro Winkens

Nieuwe wegen

Vooruitkijkend naar hoe het klimaatnetwerk voor veiligheidsregio’s zou moeten gaan functioneren, zou Bos graag zien dat er meer focus komt op regie in de preventie van klimaateffecten. ‘Dat betekent dat je als overheden moet gaan nadenken over ordening van wijken, klimaatbestendig bouwen. Is het verstandig om in een bepaald gebied een nieuwe wijk te bouwen of beter in een andere gemeente? Dat betekent over de grenzen van je eigen plaats of je eigen belangen heen kijken. Als lánd nadenken waar je wat ontwikkelt, zodat bij een calamiteit de effecten veel minder groot zijn. Daar zouden we als veiligheidsregio’s een stevige adviespositie in moeten kunnen hebben.’ Winkens ziet ook mogelijkheden om over de grenzen van het huidige partneraanbod heen te kijken. ‘We richten ons nu op bekende partijen. Waterschappen, Rijkswaterstaat, provincies, gemeenten. Dat komt vanuit een historisch besef. Maar waar we echt naar op zoek zouden willen, zijn bijvoorbeeld kennisinstituten, universiteiten, hogescholen die ons helpen om de impact van klimaat in de volle breedte te duiden. Maar dat zouden ook private partijen kunnen zijn. Of vertegenwoordigers van organisaties in België of Duitsland. Dat is het leuke van dit thema: het is nog niet op alle onderdelen ontgonnen en biedt ons de gelegenheid om nieuwe wegen te ontdekken.’

‘Als veiligheidsregio zijn we maar van weinig zaken de eigenaar. We gaan niet over de hoogte van de dijken of de stabiliteit van het energienet. Wij zijn de partij die weet wat er moet gebeuren als het mis gaat en adviseren over hoe effecten zo klein mogelijk blijven.’

Jan Bos Veiligheidsregio Amsterdam-Amstelland

Petro Winkens Veiligheidsregio Zuid-Limburg

OOK INTERESSANT VOOR U:

pagina extreem weer

Voorbereiden op extreem weer

pagina onbeheersbaarheid natuurbranden

Onbeheersbaarheid natuurbranden neemt toe

pagina Kennishoek

Meer leren over klimaatverandering?


AANMELDEN:

Wilt u nieuwe edities van het Platform voor CrisisManagement per mail ontvangen? Meldt u zich dan aan!


DELEN:

deel deze pagina: